Blog

“Wat ben je hard aan het werk!”

Zomaar een compliment dat je je kind zou kunnen geven. De meeste ouders en leerkrachten zijn zich er ondertussen wel van bewust dat complimenten geven aan kinderen van groot belang is. Maar een goed compliment blijkt zo makkelijk niet te zijn. Ik hoor je denken, zijn er ook foute complimenten dan?

Een compliment doet groeien!

Echt foute complimenten zijn er eigenlijk niet, maar er zijn wel complimenten die meer effect hebben dan andere complimenten op het zelfvertrouwen en zelfbeeld van je kind.
Vooral bij onzekere en faalangstige kinderen zeggen ouders vaak dat ze regelmatig complimenten geven, maar heel vaak zijn dat complimenten waar kinderen onbedoeld wel eens meer druk door kunnen krijgen. We hebben de neiging om kinderen en zelfs volwassenen te complimenteren op prestatie. “Wat een mooie tekening!” “Een 8 voor biologie, wat goed gedaan!” “Wat kan jij hard lopen!” “Ik ben trots op je 9 voor topgrafie” en zo kan ik even door gaan. Natuurlijk zijn dat ook allemaal mooie prestaties.

Het kan alleen wel zo zijn, door regelmatig te zeggen dat hij zijn best moet doen, er een hoop onzekerheid aangewakkerd wordt bij je kind. Want wat wordt er dan precies verwacht van hem? Hoe weet je als kind of je zo voldoende je best doet dat je ouders dat oké vinden? Je best doen is eigenlijk best een relatief begrip.
Ook het waarderen door middel van cijfers bij toetsen blijft een lastig fenomeen. Helaas hangt ons hele schoolsysteem aan elkaar van cijfers en dan zo opgebouwd dat het pas vanaf een 5,5 een voldoende is en bij alles eronder faal je toch maar gewoon. Een dikke afwijzing omdat jij het nog niet kan. En dan mag je hopen dat de leerlingen bedenkt dat hij het nog niet kan, want door het woordje “nog” benadruk je de mogelijkheid tot het wel beheersen van de stof of activiteit. Maar veel vaker roepen kinderen na een zoveelste onvoldoende voor een vak “Ik kan dat ook gewoon niet!” En daarna komt vaak de berusting en soms zelfs het opgeven.


Hoe geef je dan een waardevoller en zinvoller compliment dat het zelfvertrouwen en zelfbeeld laat groeien? Deze complimenten zijn gebaseerd op inzet of groei. “Ik kan het verschil zien met enkele maanden geleden, je bent echt gegroeid in wat je doet!” “Je hebt goed voor ogen wat je wilt, knap dat je daar naar toe werkt!” “Wat ben je geconcentreerd bezig met je tekening!” “Je mag echt tevreden zijn met hoe hard je hiervoor hebt gewerkt!” of “Wat goed dat je elke week traint om beter te worden!” Al deze complimenten belonen de inzet en het doorzettingsvermogen van het kind. Dat zijn mooie eigenschappen voor de rest van het leven van je kind. Weten en zich bewust zijn van hun mooie eigenschappen doet uiteindelijk het zelfvertrouwen groeien en dat laat ze weer steviger in hun schoenen staan.

Ook complimenten op basis van karakter en persoonlijkheid zijn erg krachtig. Je benadrukt dat het kind goed is zoals het is. Een compliment gewoon om wie ze zijn, omdat hij zo zorgzaam is , om haar doorzettingsvermogen, omdat hij zo heerlijk enthousiast is, zo gezellig is of zo energiek is. Je zal zien dat het geven van waardevolle complimenten het zelf vertrouwen van je kind laten groeien en ze een reëel zelfbeeld gaan ontwikkelen.

In de praktijk werk ik regelmatig met kindercoachkaarten waar eigenschappen op staan. Bij al die eigenschappen horen kwaliteiten. Ik zie kinderen en ook tieners letterlijk groeien als ze zich bewust worden van alle mooie kenmerken en eigenschappen die bij hem horen. Ik geef ze complimenten omdat zij die eigenschap bezitten en dat die eigenschap hen maakt tot wie ze zijn! De mooiste versie van zichzelf!

Lees hier ook van alles over in mijn blog over zelfvertrouwen.

Leren omgaan met boosheid

Boosheid is een veel voorkomende emotie. Een emotie die door veel kinderen op een zodanige manier wordt geuit, dat ouders het vaak lastig vinden om mee om te gaan. Deze boze buien kunnen in sommige gezinnen het totale normale leven beheersen. Er zijn gezinnen waar kinderen zoveel boze buien hebben, dat ouders nergens meer op visite durven of gezinnen waarbij elk uitje “verstierd” wordt een boze dochter of zoon.
Boosheid is iets wat we over het algemeen niet willen, we houden van gezelligheid en saamhorigheid en daar past boos zijn over het algemeen niet in thuis.
Toch is boos zijn een hele belangrijke energie. Boos zijn heeft bijna altijd te maken met grenzen en grenzen bewaken. En dat is heel erg belangrijk.

boosheid

De afgelopen weken heb ik me bezig gehouden met een cursus over boosheid en geleerd hoe ik ouders, kinderen en tieners hier nog beter bij kan helpen. Ik ben veel aan hetv werk geweest met boosheid en ik heb ook kritisch naar mijn eigen boosheid gekeken en wat ik hierover heb meekregen van mijn ouders in mijn opvoeding. Dat bepaalt namelijk ook weer wat ik er van nature mee doe in mijn opvoeding van mijn zoons. Ik merk al jaren dat mijn ene zoon explosievere en intensere boosheid laat zien dan mijn andere zoon. In de loop der jaren, mede door mijn coaching cursus, ben ik daar steeds anders mee omgegaan en begrijp ik hem steeds meer.

Wat is boosheid precies? En dan bedoel ik de “niet helpende boosheid,” want dat is meestal waarvoor kinderen en ouders naar mijn praktijk komen. De driftbuien, de boze buien, het stampvoeten, het schelden, het tieren en schelden. Ze komen allemaal voorbij en het mooiste is, er is heel goed mee te werken en heel goed te verhelpen. Zijn kinderen dan nooit meer boos??? Nee natuurlijk niet, want zoals ik al eerder heb aangegeven, boos zijn is belangrijk! Je geeft er je grenzen mee aan!


Als ouders met hun zoon of dochter bij me komen omdat de boze buien het hele gezinsleven beïnvloeden, wil ik eerst weten wat deze boosheid precies is. En welke gradaties de boosheid van het kind heeft. Als we dat weten, gaan we erachter komen waardoor de boosheid getriggerd wordt. Zo komen we erachter dat het kind nog vaardigheden te leren heeft en welke dat zijn. Het kind reageert zo heftig op een situatie omdat hij niet anders kan. Hij heeft dat nog niet geleerd. Hij beschikt nog niet over die vaardigheden.
Wat voor vaardigheden kunnen dat dan zijn?
Denk bijvoorbeeld eens aan:
-Kunnen omgaan met teleurstellingen
-Kunnen omgaan met NEE
-Kunnen omgaan met onmacht
-Kunnen beheersen van een reactie
– Nemen van verantwoordelijkheid
…..en zo zijn er nog veel meer.
Daar gaan we dan vervolgens mee aan de slag. Ik leer kinderen de juiste helpende vaardigheden voor dit soort gevallen. Daar komt heel vaak veel acceptatie bij kijken, het woordje “ jammer!” kan dan heel veel kracht hebben.


Maar boosheid van kinderen staat niet los van de reactie van ouders. Hoe reageer jij als je kind boos is? En hoe voel jij je als je heel boos bent? Simpel gezegd; ben jij dan voor rede vatbaar? Heel eerlijk?
Vaak verwachten we van kinderen dat ze luisteren of in gesprek gaan op het moment dat ze boos zijn. Maar een boos brein kan echt niet meer helder nadenken, dat kan het pas weer als het afgekoeld is. En dat afkoelen, daar kan je afspraken over maken.

Hoe kan je als ouder de boosheid van je kind voorkomen en verminderen in plaats van verergeren? Echt geloof me, dit is helemaal niet zo moeilijk als dat het lijkt. En het heeft niks te maken met het kind zijn of haar zin te geven. Daar leert een kind namelijk niks van en als ouders willen we juist dat kinderen leren!
Het heeft alles te maken met de manier waarop jij reageert en wat je zegt. Erken je de boosheid, ook al begrijp je het misschien niet? Het gevoel is er namelijk wel degelijk bij jouw kind, dat gevoel ontkennen of zeggen dat het onzin is, maakt de boosheid alleen maar erger!
Als ouder kan jij je kind helpen om de boosheid te gaan begrijpen, vaak zien de ouders wel welke vaardigheid er te leren valt. Door te erkennen en te benoemen help jij je kind en help je jezelf want je zal zien, de boze buien worden echt minder!


Als we meerdere kanten van de boosheid in beeld hebben, gaan we afspraken maken. Afspraken over hoe het kind zijn boosheid kan verminderen zodat het niet tot een explosie komt en afspraken voor wat te doen als het onverhoopt toch tot een explosie komt. Want leren lopen doen we met vallen en opstaan, dus leren omgaan met boosheid ook! Zodra het kind weet op wat voor manier hij boos mag zijn, hoeft het deze gevoelens niet meer op te kroppen. Juist deze opgekropte gevoelens zorgen vaak voor de driftbuien die meestal op een onhandig en niet gewenst tijdstip naar buiten komen.

Herken je de situatie waarin een boos kind jullie gezinsleven zo langzaamaan bepaalt. Neem gerust contact met me op! In de meeste gevallen zijn er maar een paar sessies nodig om het in kaart te brengen en te kijken wat voor jullie gezin en voor jullie kind het beste werkt!
Hoe lekker zou dat zijn?

Brenda leest… Pubers zijn leuk!

Oké, ik zal meteen eerlijk zijn, de hele titel is “Pubers zijn leuk! Zeker als je ze begrijpt!” Een mooi boek van Tischa Neve. Ik vind pubers zeker erg leuk, vooral de pubers die bij me komen in de praktijk. Mijn eigen twee pubers vind ik ook overwegend leuk, maar de puberteit vind ik wel eens heel stom. Maar langzaam denk ik inderdaad dat ik ze begin te begrijpen, maar of ik ze ooit zal snappen………

puber

Dit boek heeft ook nog op de voorkant staan dat het een inspiratieboek is voor ouders van pubers. Het suggereert dat je tijdens het lezen geïnspireerd wordt. Wat mij betreft klopt dat, je wordt vooral geïnspireerd om kritisch naar je opvoeding te kijken en eens wat vaker naast je puber te gaan staan en hem of haar wat meer te coachen. Door met je puber mee te denken in plaats van voor je tiener te denken. En het inspireert ook om hoe lastig dat soms ook is, om je soms even in die lastige periode te verplaatsen.
Want als wij als ouders denken het moeilijk te hebben met hen, kan ik je verzekeren; zij hebben het nog veel moeilijker met zichzelf.


Ze gaan groeien op alle mogelijke manieren. Hun brein is continu “under construction” maar dat brein gaat niet altijd in dezelfde snelheid als bijvoorbeeld hun lichamelijke groei. Ze groeien letterlijk van buiten naar binnen. Handen, voeten, armen en benen groeien eerst en het duurt nog wel even voordat dat brein ook gewend is aan die nieuwe lengte. Met het gevolg dat ze vaker ergens tegenaan lopen of iets omstoten. De welbekende stuntelige puber. Deze ontwikkeling loopt vaak ook niet gelijk met wat wij, de maatschappij en school van hen verwachten. Ook al willen ze dat niet altijd, ze hebben soms nog echt onze hulp nodig.

Een altijd terug kerende gesprek met “klagende” puberouders bij elkaar is het hebben van een lege kast en lege koelkast. Voor mij zeer herkenbaar, je doet boodschappen en vult alles aan en voordat je het weet is alles weer op. En natuurlijk laten ze het liefste de lege verpakking liggen. Ik ben een voorstander van denken in oplossingen dus hebben mijn hongerige pubers een eigen groentelade die ik regelmatig bijvul. Door een keer spaghetti te hebben gemaakt met slechts gehakt omdat alles op was, vond ik dit wel een handige oplossing. En snoep en chocolade is bij mij in huis terug te vinden op de meest bizarre plekken. Wat een geluk dat tieners meestal niet zo goed zijn in zoeken.


Dit mooie boek staat vol tips en ervaringen. Bruikbare tips die je meteen kunt toepassen en ervaringen waarvan je blij wordt als je ze leest en beseft dat je niet de enige bent.
Er is een heel stuk gewijd aan communiceren. En dat is fijn, want dat is niet altijd gemakkelijk met een tiener. Hoe krijg je ze aan de praat? En hoe dring je tot ze door?
Van de kant van de tieners hoor je dan ook wel dat ze echt af en toe gek worden van ons gezeur. Hoeveel zeur jij eigenlijk?
Ik natuurlijk veel te veel dus ik probeer er tegenwoordig echt op de letten. Nu zeg ik dingen en vertel ze wat ze moeten doen, zonder te zeuren, denk ik 😉

Een bruikbare tip is om eens wat vaker te “hummen” en samen te vatten als je puber wat vertelt. Niet oordelen, niet invullen, geen goede raad en vooral niet voor ze invullen, gewoon hummen. Dat vinden ze fijn en soms ineens komen ze zelf met hele goede ideeën en of oplossingen. En dat is natuurlijk weer super tof dan!

Wat in bijna elk hoofdstuk terug komt, is het geven van het goede voorbeeld. Als jij heel veel op je mobiel zit, hoe wil je dan dat je kind ermee stopt? Als jij ongeorganiseerd en altijd te laat komt, hoe moet je kind dan structuur aan brengen in zijn of haar chaotische leven. Dat is natuurlijk een open deur, maar neem jezelf eens onder de loep en kijk waar jij nog winst kan behalen.

En blijf in gesprek en zorg voor verbinding. Verdiep je in hun wereld. Kijk eens “Bram in de buurt” mee op youtube of datgene wat jouw tiener kijkt, het zal je verassen hoe grappig het is, als je ervoor open staan natuurlijk.

Reageer niet op al hun gemopper, laat het soms gewoon lekker langs je heen gaan en zeg alleen maar “Wat rot dat je het zo voelt!”
En misschien wel het belangrijkste met een puber (of twee of drie) in huis. Humor werkt! Geen cynisme natuurlijk maar gewoon op zijn tijd een gevatte opmerking of een leuke grap!
Ik vind het boek echt een aanrader. Het is zo’n boek dat je niet in één keer uit hoeft te lezen maar leg het ergens neer en lees geregeld een stukje en je zal merken, ja gaat je puber steeds beter begrijpen en zelfs weer leuk vinden!

Maar praten en stiekem een beetje klagen over je puber helpt ook. Zin om bij mij in de praktijk te komen met andere puberouders voor nog wat extra achtergrond informatie waarmee jij je tiener ook wat beter gaat begrijpen?

Nieuwsbrief 6

Een mooie ontdekking van de afgelopen tijd was dat het echt zijn vruchten afwerpt als kinderen bij mij komen voor ondersteuning in een bepaald vak op school en weg gaan met zoveel meer zelfvertrouwen en meer vaardigheden voor dat vak. Hoe mooi om kinderen bijles te geven, waarbij ik ondersteun met coaching en dat ze dan ze in zijn geheel lekkerder in hun vel komen te zitten. Ik vind dat eigenlijk nog leuker dan ik had gedacht. Het is zo mooi om echt met maatwerk met een kind bezig te zijn, niet een programma volgen maar echt naar de behoeften te kijken met de einddoelen van het onderwijs in mijn achterhoofd.

Een waardevol traject was met een moeder die bij haar dochter van 3 merkte dat het wat lastiger ging. Moeder zelf is hoogsensitief en had het vermoeden dat dochter dat ook is. Een meisje van 3 in mijn praktijk? Nee dat heb ik meteen eerlijk tegen moeder gezegd. Mijn coachingstechnieken en mijn materialen lenen zich niet voor deze leeftijd. Dan kwam moeder graag alleen. 3 mooie sessies waarbij we heel veel gepraat hebben, ik tips heb aangedragen en haar tot inzicht heb laten komen over bepaalde zaken. Moeder wilde haar dochter graag helpen en al na één sessie was er meer rust voor het meisje en na 3 sessies had moeder alle vertrouwen weer terug. Oudercoaching werkt dus ook heel goed, maar dan moet de ouder wel open staan voor verandering. Dat stond deze moeder heel erg!

Ik heb al eens eerder wat geschreven over het boek Meer leren in Minder tijd. Wat blijft dit toch een fijne methode om kinderen te helpen met leren plannen en leren leren. Mijn jongste zoon is afgelopen schooljaar op het voortgezet onderwijs gestart en gelukkig staat hij er open voor dat ik hem ondersteun. Hij heeft veel aan de methodes uit het boek. Leuk is dat ik al al meerdere kinderen in mijn praktijk heb kunnen helpen met het aanpakken van die hele berg huiswerk en de soms onoverzichtelijke hoeveelheid huiswerk. Bij al deze tieners zaten de methode in een keer of 5 erin en konden ze ermee aan de slag. Natuurlijk om tijd over te houden voor het belangrijkste wat er is in veel levens van tienerjongens gamen!!!!


Daar had ik in november een bijeenkomst over. Hoe zit dat nou met de gameverslaving van menig jongere? Een zeer leerzame ochtend waar ik toch enigszins opgelucht van terug kwam. Een verslaving is het echt pas als al het andere eronder lijdt. Dat is gelukkig bij mij thuis niet zo. Bij jou?


Met het voortgezet onderwijs kwam er ook nog een account op Magister bij. Hoeveel kijk jij op magister? En wat vind jij daarvan? En wat vindt jouw zoon of dochter ervan. IN januari, zo vlak na de meeste proefwerkweken, schreef ik er een blog over waar veel enthousiaste reacties op kwamen: Magister

Ook heb ik een ontzettend leuk en zinvol gesprek gehad met Normen Rotteveel van Rotteveel en Fokkema, uitvaartzorg. Deze mensen werken met hart en ziel aan het verzorgen van een zo mooi waardevol laatste moment van het leven. Daar zijn altijd nabestaanden bij  aanwezig en ze zijn blij dat ze nu weten wat ze kunnen adviseren als kinderen een ingrijpend verlies mee maken. Kinderen zijn best heel sterk als het om rouw gaat. Maar er blijven helaas veel gevallen waar kinderen één van hun ouders of broer of zus verliezen. Met deze kinderen werk ik graag met een heleboel verschillende werkvormen in mijn praktijk

Blogs schijven en korte stukjes op FB doe ik tussen alle voorbereidingen en leeswerk door. Ik vind het een leuke en mooie manier om ouders en opvoeders een beetje aan te zetten tot nadenken. Soms kunnen simpele tips voldoende zijn om het weer even net iets anders aan te pakken thuis. Want wees eerlijk, opvoeden is soms ook een beetje uitproberen wat voor jullie het beste werkt! Dus houdmijn verhalen in de gaten. Meestal zet ik wel een link op mijn Facebook.

Als ik eenmaal ga zitten voor een nieuwe nieuwsbrief moet ik altijd weer uitkijken dat het geen 3 blaadjes tellen iets wordt. Ik blijf gewoon zo enthousiast worden van alles wat er bij dit vak komt kijken, de ontmoetingen met mijn netwerk maar het belangrijkste alle kinderen en tieners die mijn praktijk wat onzeker binnen komen en daar weer sterker, zekerder en blijer uit komen!

Misschien ben je  nieuwsgierig geworden en benieuwd wat anderen zeggen over mij. Neem dan eens een kijkje op mijn site. En wil je deze nieuwsbrief volgende keer ook in je mailbox ontvangen, stuur me dan een mailtje op brenda@kindercoachleidschenveen.nl

Zelfvertrouwen

Als we het hebben over kinderen en tieners hebben we het vaak over hun zelfvertrouwen. En we willen vaak hun zelfvertrouwen vergroten, maar hoe doe je dat en wat is zelfvertrouwen eigenlijk?

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is zelfvertrouwen-4.jpg
Zelfvertrouwen hebben voelt goed

Zelfvertrouwen hangt samen met je zelfbeeld. Kinderen met zelfvertrouwen geloven in zichzelf en geloven in wat ze kunnen. Maar ze durven ook nieuwe situaties aan te gaan en hebben het vertrouwen als ze iets nog niet kunnen, ze het altijd nog kunnen leren. Als kinderen beseffen dat ze in sommige dingen wat minder goed zijn en daar altijd nog wel beter in kunnen worden, hebben ze een positief zelfbeeld. Ze hebben een reëel, positief beeld over hun kwaliteiten en over zichzelf. Deze kinderen durven nieuwe uitdagingen aan te gaan en weten dat ze niet in één keer alles te hoeven kunnen.
Een kind met zelfvertrouwen kan over het algemeen ook goed met teleurstellingen omgaan. Het zit lekker in zijn vel.
Helaas wordt niet iedereen geboren met veel zelfvertrouwen. Alle gebeurtenissen die je mee maakt bepalen je zelfvertrouwen. Sommige kinderen hebben meer aanleg om zelfvertrouwen te ontwikkelen dan andere kinderen. Als een gebeurtenis de ene keer goed gaat, dan gaat een kind er meestal van uit dat het de volgende keer ook wel weer goed gaat. Zo groeit het zelfvertrouwen en ontstaat een positief zelfbeeld


Als ouder en opvoeder heb je wel invloed op het zelfvertrouwen van je kind. Je kind liefde en aandacht geven is het goede basis voor het ontwikkelen van het zelfvertrouwen van je kind. Geef je kind ook regelmatig complimenten. Probeer er dan op te letter dat het compliment gaat over de inspanning en inzet van je kind en niet zozeer over de prestatie. Complimenten op deze manier gegeven hebben meer effect op het zelfbeeld en het zelfvertrouwen van je kind.
Ook kunnen complimenten gebaseerd op een karaktereigenschap een groot effect hebben op het zelfvertrouwen. Met zo’n compliment waardeer je het kind zoals hij is.

Geef je kind het vertrouwen dat je in hem gelooft en laat je kind zijn eigen keuzes maken. Kinderen die regelmatig te horen krijgen dat ze ergens voor uit moeten kijken en veel waarschuwingen krijgen voor allerlei gevaar, kunnen hun zelfvertrouwen minder goed ontwikkelen, omdat zo de gevaren worden weg gehouden en er minder succes ervaringen zijn. Het is belangrijk om een kind zijn eigen angsten te laten overwinnen, moedig hem daarbij aan een ondersteun je kind daarbij. Laat ze af en toe wat losser zodat zij hun eigen grens op kunnen zoeken. Dat begint al bij het klimmen op een klimrek in de peutertijd.


Probeer wat vaker de focus te leggen op wat goed gaat en laat wat niet goed gaat eens wat vaker onbesproken. Kinderen en tieners hebben zelf vaak al heel goed door dat iets niet goed is gegaan en dat ze een volgende keer beter een andere keuze kunnen maken. Laat je kind zijn of haar fouten maken en maak zelf eens fouten waarbij je jezelf ook niet afstraft! Als je geregeld hoort dat je moeder zichzelf dom noemt als ze iets verkeerd doet, ga je vanzelf geloven dat fouten maken heel dom is. Maar fouten maken horen erbij om dingen te leren en je verder te ontwikkelen.

Helaas zijn er heel veel kinderen met wat minder zelfvertrouwen. Deze kinderen stralen dit vaak uit in onzekere situaties, het is te zien aan hun lichaamshouding en vaak terug te horen in wat ze zeggen. Als ze al iets durven te zeggen. Dat is niet fijn voor een kind, ze voelen zich rot en zijn er vaak van overtuigd dat niemand hen aardig vindt. Soms zit dit gevoel al zo diep dat de complimentjes die ouders maken niet meer geloofwaardig klinken.

Deze kinderen moeten zich zelf weer een beetje ontdekken om weer in zich zelf te geloven. Gelukkig heb ik daar in mijn praktijk voldoende werkvormen en materialen voor. Langzaam komt het vertrouwen terug en geloven ze de complimenten van ouders en vriendjes weer wat hen weer sterker maakt en zo gaan ze zich weer lekkerder in hun vel voelen!